Bijna één op de vijf Verenigingen van Eigenaars (VvE’s) heeft onvoldoende reserves om noodzakelijk onderhoud in de komende jaren te kunnen betalen. Dat blijkt uit recente onderzoeken waarover onder andere NOS en Vereniging Eigen Huis berichtten. Het onderstreept hoe belangrijk het is om goed naar de financiële positie van de VvE te kijken.

De jaarlijkse Algemene Ledenvergadering (ALV) is daarvoor hét moment. Tijdens deze vergadering bespreek je samen met andere eigenaars de jaarcijfers, het onderhoudsplan en de hoogte van de VvE-bijdrage. Juist dan wordt duidelijk hoe financieel gezond de vereniging is en of de reserves voldoende zijn om toekomstig onderhoud op te vangen of dat er mogelijk tekorten ontstaan wanneer groot onderhoud zich aandient.

Uitgesteld onderhoud wordt vaak duurder

De afgelopen jaren zijn de kosten voor onderhoud, verzekeringen en energie flink gestegen. Tegelijkertijd blijkt dat veel VvE’s historisch gezien te weinig hebben gereserveerd voor toekomstig onderhoud.

Dat wordt vooral zichtbaar bij oudere gebouwen. Daken, gevels, installaties en kozijnen moeten op een bepaald moment vervangen of gerenoveerd worden. De echt grote projecten komen er nu voor veel gebouwen aan. Wanneer onderhoud wordt uitgesteld omdat er onvoldoende geld beschikbaar is, lopen de kosten vaak alleen maar verder op.

Daarnaast kijken potentiële kopers en hypotheekverstrekkers steeds vaker naar de financiële gezondheid van een VvE. Een vereniging met weinig reserves of achterstallig onderhoud kan daardoor ook invloed hebben op de waarde en verkoopbaarheid van woningen.

Een goed onderhoudsplan is de basis

Een gezonde financiële basis begint bij een actueel Meerjarenonderhoudsplan (MJOP). In dit plan staat welk onderhoud de komende jaren nodig is en welke kosten daarbij horen.

Met een goed MJOP kun je onderhoud en uitgaven beter spreiden. Het helpt ook om tijdens de ledenvergadering duidelijke keuzes te maken en transparant te communiceren over toekomstige kosten. VvE Metea onderscheidt zich door MJOP’s op te stellen over een periode van 30 jaar. Lees in dit artikel hoe we dat doen. Hierbij wordt zowel het onderhoudsverleden, de huidige staat van het complex als de toekomst in kaart wordt gebracht en worden bijvoorbeeld ook meerjarenbegrotingen van installaties verwerkt. VvE Metea houdt tevens rekening met de splitsingsakte, iets wat voor een VvE uiteraard ontzettend belangrijk is.

Daarnaast is er volgens de Wet verbetering functioneren verenigingen van eigenaars een verplichting om geld te reserveren voor groot onderhoud. Wanneer er geen onderhoudsplan is, moet een VvE jaarlijks minimaal 0,5% van de herbouwwaarde van het gebouw reserveren. In de praktijk blijkt echter dat dit niet altijd voldoende is om toekomstige onderhoudskosten volledig op te vangen.

Liquiditeit: voldoende geld op het juiste moment

Steeds meer VvE’s kijken daarom naar aanvullende financieringsmogelijkheden. Denk bijvoorbeeld aan een VvE-lening waarmee groot onderhoud of verduurzaming kan worden uitgevoerd zonder dat eigenaars direct een hoge eenmalige bijdrage moeten betalen.

Door investeringen over meerdere jaren te spreiden, blijft de maandelijkse bijdrage beter beheersbaar en kan noodzakelijk onderhoud toch op tijd plaatsvinden.

Van reactief naar toekomstbestendig

Voor besturen ligt hier een belangrijke taak. Door tijdig inzicht te krijgen in de financiële positie, het onderhoudsplan regelmatig te actualiseren en verschillende financieringsmogelijkheden te onderzoeken, kun je voorkomen dat de VvE voor onaangename verrassingen komt te staan.

Een toekomstbestendige VvE draait niet alleen om het oplossen van achterstallig onderhoud, maar vooral om vooruitkijken. Met een realistisch onderhoudsplan, voldoende reserves en, waar nodig, passende financiering maak je de stap van financiële onzekerheid naar stabiliteit.

En dat begint vaak bij één belangrijk moment: de ledenvergadering waarin samen keuzes worden gemaakt voor de toekomst van het gebouw.